Persbericht: Systeemcrisis, Politiek in ontkenning
Ze is er dan, een nieuwe regering. Het lijkt op een vroeg kerstgeschenk, maar zijn alle problemen daarmee opgelost? Hoewel we het niet lijken te merken zitten we allen in de voorbode van de grootste crisis ooit, niet enkel een financiële crisis die je ziet aan de instabiliteit van het hele bankwezen. Ook geen loutere economische crisis, de economische groei is nog slechts een flauwe herinnering. Volgens de laatste cijfers van de NBB zou de economie dit jaar slechts een halve procent groeien. Komt daar ook nog eens een monetaire crisis bij die niet enkel in Europa, maar ook in Amerika – en die ook zal volgen in China – nog voor enige tijd onrust zal zorgen. Inflatiecijfers van 2 procent zijn slechts de stilte voor de storm. We kunnen ook spreken van een fiscale crisis. De overheid geeft structureel veel meer uit dan het aan inkomsten verzamelt. Politici schijnen er niet in te slagen in voorspoedige tijden de nodige overschotten aan te leggen. Uiteindelijk kan een sociale crisis niet uitblijven, de beelden van de ‘indignados’ en de occupy-bewegingen zitten nog vers in het geheugen. Kijk ook maar naar de vakbonden die hun frustraties niet onder stoelen of banken steken. We mogen dus stilaan spreken van een systeemcrisis, een maatschappijcrisis zeg maar.
De vraag die daarmee gesteld werd is: “zorgt het nieuwe regeerakkoord voor oplossingen?”. Het Liberaal Vlaams Studentenverbond is van mening dat dit véél te weinig en véél te laat is. De nieuwe regering belichaamt volledig het status-quo, er is heel wat gemorreld in de marge, maar een echte visie is moeilijk terug te vinden. Het overheidsbeslag groeit en fundamentele bezuinigingen blijven uit. Wat zorgt voor een nog meer ingewikkelde fiscale wetgeving. De reguleringskoorts zorgt voor nog meer regels die inbreuk plegen op de persoonlijke vrijheden van de burgers. De toekomst ziet er grimmig uit met een alomtegenwoordige staat die over ons allen waakt.
Maar het meest rampzalige is de toekomstige sociale onrust die de voorbije decennia gezaaid werd en binnenkort geoogst mag worden. De kloof tussen rijk en arm waar politici zo graag mee dwepen zal zich door het aanhoudende wanbeleid situeren tussen generaties. Van het generatiepact naar een generatieconflict. We doelen daarmee op de schulden die door de vorige generatie – de babyboomers – werd opgebouwd. Met een overheidsschuld van 96 procent van het BBP is de trend gezet. Maar dit cijfer werkt verblindend, zeker in vergelijking met andere landen. In een artikel van Trends deze week nam Duitse hoogleraar Bernd Raffelhüschen de impliciete schuld – de beloftes van sociale zekerheid – mee op in de Belgische overheidsschuld. De reële staatsschuld zou dan neerkomen op een pijnlijke 426 procent van het BBP. Vier jaar zouden de burgers moeten werken zonder één euro te spenderen, dit is onhoudbaar. Deze lasten zullen door de volgende werkende generatie bekostigd moeten worden. In vergelijking daarmee zijn de afspraken rond werk en pensioenen die in dit regeerakkoord staan een druppel op een hete plaat. Het LVSV roept daarom de politici op om het huidige systeem van de welvaartsstaat niet langer te verdedigen, maar voorrang te bieden van de individuele vrijheid op staatsinterventie. Het LVSV roept op om te kiezen voor een visie waarin de vrijheid van de burgers weer centraal staat. Een visie waarin de overheid de rechten van het individu verdedigt en de bijhorende verantwoordelijkheden duidelijk stelt. Laten we de inwoners van ons land opnieuw de ruimte geven om hun toekomst zelf in handen te nemen in plaats van hen afhankelijk te maken van een falende overheid.
“De oorlog tegen drugs faalt”. Dat is de conclusie van de Global Commission on Drugs Policy. Het panel van voormalige wereldleiders en politici liet dit in een rapport vorige donderdag weten. Tot deze studiegroep behoren onder andere voormalig secretaris-generaal van de VN Kofi Annan, Virgin-baas Richard Branson, Nobelprijswinnaar Mario Vargas LIosa en de ex-presidenten van Mexico, Colombia en Brazilië.Volgens de Verenigde Naties is het druggebruik de voorbije 10 jaar met meer dan 35% gestegen. “De oorlog tegen drugs heeft het druggebruik doen stijgen, onze gevangenissen zitten overvol, dit kost miljoenen dollars aan belastinggeld en het voedt de georganiseerde misdaad wereldwijd. Het is nu overduidelijk tijd voor een alternatieve aanpak.” Het panel pleit voor een drastische verandering in aanpak. Dit wordt bevestigd in volgend citaat: "It's not peace instead of war. It's a more intelligent way to fight."
De kern van hun besluit bestaat erin softdrugs, waaronder marihuana, wereldwijd te legaliseren en vooral de huidige nadruk op het bestrijden van criminaliteit te verschuiven naar bezorgdheid omtrent gezondheid en het ontwikkelen van een grotere rol van individuele verantwoordelijkheid. Daarnaast dient begeleiding van de drugsverslaafde meer op de voorgrond te komen. Onderzoek geeft immers aan dat de vrees voor arrestatie en opsluiting de grootste barrière voor verslaafden is om hulp te zoeken.
Het valt te betreuren dat de Mexicaanse overheid reeds liet weten dat ze het rapport van de commissie beschouwen als flauwekul en hun beleid verder gaan zetten. Felipe Gonzalez van de Mexicaanse Drugscommissie vergelijkt liever appels met peren en haalt volgend zwak non-argument aan: als we drugs legaal maken, is het maar één stap om mensenhandel te legaliseren. Nochtans is Mexico hét land bij uitstek die zijn beleid drastisch dient te wijzigen. De Mexicanen worden reeds 3 jaar in een wurggreep gehouden door de oorlog tussen drugskartels en de Mexicaanse overheid.
De regering slaagde erin om op relatief korte termijn de kartels enkele welgeplaatste uppercuts toe te brengen. Een overvloed aan geld, drugs en wapens werden geconfisqueerd en verscheidene drugsbarons werden ingerekend. De keerzijde van de medaille was echter dat het aantal moorden en afrekeningen dramatisch stegen. Waar de agressie zich voorheen beperkte tot de strijd tussen kartels onderling, heeft het merendeel zich nu ook massaal tegen de overheid gekeerd. Ettelijke politieofficieren, magistraten en politici prijken bovenaan de hitlists van de kartels. Ook de corruptie, die voor 2006 al welig tierde, is sinds Calderón aan de macht kwam alleen maar toegenomen. Het is een publiek geheim dat een omvangrijk aantal politieofficieren op de payroll van de drugskartels staan. Deze totale mislukking van de war on drugs heeft niets met de inspanningen van de overheden te maken maar wel met de inherente wetmatigheden van zo’n oorlog.
Om deze stelling te verklaren verwijzen we naar de Amerikaanse drooglegging in de jaren '20. Er werd toen een wet gestemd die de productie, verkoop en transport van alcohol verbood. Daarom verhuisde de industrie van het legale naar het illegale circuit. De FBI moest ervoor zorgen dat deze wet werd nageleefd. Jammerlijk profiteerde de Napolitaanse maffia van deze wet. Onder andere de beruchte Al Capone zou nooit zo machtig geworden zijn zonder de drooglegging. Het geweld op de straat nam toe en de invloed van de maffia steeg. Dat de FBI Capone slechts op grond van belastingfraude achter de tralies kreeg was een perfecte illustratie van deze onmacht. Na jaren van bloedvergieten en dweilen met de kraan open kwam de Amerikaanse overheid tot het besluit om alcohol terug te legaliseren. De maffia vond vervolgens haar gading in het illegale gokcircuit, prostitutie en jawel, drugs. Een ander gevolg van de drooglegging was, en is nog altijd in sommige moslimlanden, dat de kwaliteit van de alcohol sterk achteruitgaat en door het verkeerde productieproces zelfs sterk giftig is. Door de illegale aard kan men geen juridische actie ondernemen tegen de producenten van deze giftige substanties en is er dus een sterk gevaar voor volksgezondheid. Hetzelfde kan gezegd worden met het gros van de drugs die vandaag wordt geproduceerd in obscure drugslabo’s.
Hoewel tijd en ruimte verschillen, kunnen duidelijk parallellen getrokken worden met de huidige war on drugs. Veel regeringen trachten hun beleid te legitimeren door aan te tonen dat druggebruik en geweld hand in hand gaan. Niemand staat er onbegrijpelijk bij stil dat oorzaak en gevolg omgedraaid worden. Wanneer drughandel in de illegaliteit wordt gedrukt, nemen drugskartels het heft in eigen handen en laten ze bij disputen de wapens spreken. Contracten op de zwarte markt kunnen nu eenmaal niet via rechtbanken afgedwongen worden, waardoor machinegeweren en afpersing schering en inslag zijn. Bovendien zorgen de risico's die met de productie en transport gepaard gaan dat drugs aan een artificieel hoge prijs worden verkocht. De prijs van cocaïne is sinds 2006 met 50% gestegen. Deze hoge prijzen zorgen ervoor dat de kartels een grote omzet draaien en geeft hen een sterke incentive om in de handel te blijven, waarbij ze niets of niemand uit de weg gaan. Als een kartel door militair ingrijpen wordt opgedoekt, neemt een andere haar plaats gewoon in, één van de pijnlijke neveneffecten die de zinloosheid van deze war on drugs demonstreert. Om de productiekosten te drukken, gaat de kwaliteit van de drugs overigens sterk achteruit. Cocaïne is sinds 2006 kwaliteitsgewijs met 11% gedaald, met meer drugsdoden als logisch gevolg. Het is evident dat clandestiene dealers die rommel in hun producten verwerken niet via de officiële kanalen door hun kopers kunnen worden vervolgd.
Verder is een verbod op het gebruik van drugs een regelrechte inbreuk op de individuele vrijheid. Als liberale vereniging vinden wij dat de vrijheid altijd primeert. Het is aan elke persoon zelf om te bepalen of hij al dan niet drugs wenst te nemen. Aangezien bij keuzevrijheid altijd verantwoordelijkheid hoort, moet de gebruiker zelf alle gevolgen dragen die zijn druggebruik heeft op zijn gezondheid en zijn mentale toestand. Het is dus niet aan verslaafden, noch aan overheden om achteraf deze verantwoordelijkheid af te schuiven op de rest van de samenleving. Elk verbod op druggebruik is niets anders dan paternalisme van overheden die drugsverslaafdenin een slachtofferrol duwt en hun zin voor verantwoordelijkheid verder ontneemt. Hierbij wensen we de belangrijke nuance aan te brengen dat het voorstander zijn van het legaliseren van drugs niet impliceert dat wij voorstander zijn van het druggebruik.
Cijfers spreken de Global Commission trouwens niet tegen. Portugal onderging reeds een decriminalisatieproces. In de andere EU-lidstaten ligt het gebruik van soft- én harddrugs twee tot drie maal hoger dan in Portugal. In het Verenigd Koninkrijk, Europees koploper, is het cocaïnegebruik zelfs 6x hoger. Toeval of niet: het land heeft één van de strengste drugswetgevingen van de Unie. Ook het aantal drugsdoden en HIV-besmettingen zijn in Portugal sinds 2001 met 10 tot 20% gedaald.
De weg die regeringen wereldwijd de laatste decennia bewandeld hebben, heeft de macht van maffiosi en drugskartels alleen maar versterkt en de positie van de drugsverslaafde verslechterd. Het LVSV vraagt dat regeringen werk maken van legalisering om de drugsproblematiek beter aan te pakken. België als belangrijk transitland in het transport van drugs zou hierin een politieke voortrekkersrol kunnen spelen. In nasleep van het rapport van de Global Commission on Drugs Policy wensen wij niet alleen als liberale studenten, maar ook als bezorgde burgers aan de samenleving en vooral aan beleidsmakers duidelijk te maken dat het tijd wordt voor een radicale koerswijziging.
LVSV - Liberaal Vlaams StudentenVerbond
(Dit artikel verscheen reeds op de blog van Luc Van Braekel, op www.vrijspreker.nl, in de vrije tribune van Knack en in de krant De Morgen van 08/06/2011)
Persbericht aan Dirk Verhofstadt aangaande zijn opiniestuk 'Een absolute vrije markt is immoreel'
Geachte heer Verhofstadt,
Beste Dirk,
Wij hebben met grote verbazing uw laatste opiniestuk ‘Een absolute vrije markt is immoreel’ gelezen. Uw tekst is een aanval op wat u omschrijft als 'marktfundamentalisme' en 'neoliberalisme'. Wij betreuren dat u in plaats van argumenten de wapens van verdachtmakingen en onwaarheden hanteert. Het LVSV is sinds jaar en dag een omgeving waar studenten trachten de brede liberale ideologie te doorgronden. Wij begrijpen dan ook uw vijandigheid niet ten opzichte van een stroming die onmiskenbaar deel uitmaakt van de liberale traditie, een stroming die ook vertegenwoordigd is binnen het LVSV. We zien het dan ook als onze plicht om deze denkstroming te verdedigen en met deze brief willen we een bescheiden antwoord bieden op uw aantijgingen.
De inhoud van uw betoog sloeg ons meermaals met verstomming. Zo gebruikt u steevast de term 'neoliberalen' als denigrerende verzamelnaam voor de aanhangers van Milton Friedman en Friedrich Hayek. Het is niet onze bedoeling om een semantische discussie te voeren, maar het lijkt ons correcter om deze ideeën te omschrijven als klassiek-liberalisme, oflibertarianism in de Angelsaksische wereld. 'Libertarisme' is dan ook een louter anglicisme dat verwijst naar de klassiek-liberale denkschool in de VS, een denkschool die van naam moest veranderen nadat hun label werd gekaapt door de sociaal-democratische aanhangers van de New Deal. De term 'neoliberalisme' wordt tegenwoordig gebruikt door mensen die het liberalisme in zijn totaliteit verwerpen, zoals de antiglobalisten en neomarxisten. Het is voor ons dan ook bevreemdend dat een medelid van de liberale beweging zoals u deze dubieuze term hanteert.
Belangrijker dan woorden zijn de beweringen die u maakt. Zo zegt u dat we het einde zien van een 'neoliberaal tijdperk' van 'meer vrije markt, lastenverlagingen, dereguleringen en privatiseringen'. De geschiedenis getuigt van een complexere werkelijkheid. Sinds de jaren ’70 hebben de ideeën van Friedman en Hayek inderdaad meer ingang gevonden in politieke middens. De concrete verwezenlijkingen zijn niet altijd éénduidig positief, maar wij zijn geneigd om te zeggen dat de liberale hervormingen in de VS en het Verenigd Koninkrijk heel wat positieve aspecten hebben gehad. Maar zelfs het economisch palmares van Thatcher en Reagan heeft niet voor een totale omslag gezorgd: hun regeerperiodes hebben de groei van de staat vertraagd, maar niet teruggeslagen. Het overheidsbeslag en de reguleringsdrift is blijven groeien. De voorbije jaren hebben westerse overheden bovendien ongelooflijk veel geld gespendeerd aan nooit geziene stimulusmaatregelen. Daarbij hebben ze hun schuldenberg tot in het oneindige laten toenemen. Wij denken dat deze ontwikkelingen niet getuigen van een 'neoliberaal tijdperk', wel integendeel. Het is de zoveelste crisis die de staat misbruikt om haar macht uit te breiden. Vergeef ons als wij ons daartegen verzetten.
Een andere aantijging die u maakt is dat Friedman en Hayek verantwoordelijk zouden zijn voor de wandaden van het Chileense regime onder Pinochet, of toch ten minste deze wandaden hebben goedgekeurd. Dit is een veelgehoorde kritiek die normaliter gepredikt wordt door linkse demagogen genre Naomi Klein. Het is correct dat Friedman en Hayek positief stonden ten opzichte van de economische hervormingen die het collectivistisch systeem van Chili hebben ontmanteld. Op lange termijn heeft Chili er de vruchten van geplukt. Nu is het namelijk één van de welvarendste landen van Zuid-Amerika en heeft het haar democratiseringsproces voltooid. Friedman schreef immers reeds jaren voordien dat politieke en economische vrijheid onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Een toename van economische vrijheid zou leiden tot een betere levensstandaard, en uiteindelijk tot een roep om democratie. Wat Hayek betreft, vergeet u de gegeven quote te vervolledigen: “Persoonlijk prefereer ik een liberale dictator boven een democratische regering zonder liberalisme. Mijn persoonlijke indruk, en dit is van belang voor Zuid-Amerika, is dat we in Chili een overgang zullen zien van een dictatoriale overheid naar een liberale overheid.” Met andere woorden: Hayek en Friedman hebben de economische hervormingen steeds gesteund omdat ze wisten dat het de enige stabiele manier was om te komen tot meer politieke vrijheid, niet omdat ze het regime en de gruweldaden zouden hebben gesteund. Dat onderscheid wenst u blijkbaar niet te maken, maar het is nochtans essentieel. Zo vinden wij bijvoorbeeld dat de glasnost en perestroijka van Gorbatsjov positieve ontwikkelingen zijn geweest. Maakt dat van ons aanhangers van het Sovjetregime en haar repressie?
U verwijt het 'neoliberalisme' ook van een utopisch denken. U citeert daarvoor Hans Achterhuis die stelt dat de vrije markt een 'bijkans goddelijke en onaantastbare status' geniet. Wij hadden hiervoor graag enig bewijs gezien dat aantoont dat de vrije marktwerking een opgelegd dogma zou zijn binnen het klassiek-liberalisme. Maar hiervoor is Achterhuis zelf zeer selectief in zijn bronnen. In zijn boek ‘De utopie van de vrije markt’ gaat hij te rade bij Ayn Rand, die hij vervolgens uitroept tot het toonbeeld van het 'neoliberalisme'. Maar iedereen die de klassiek-liberale beweging in de VS kent, weet dat Rand geenszins als hun messias kan gezien worden. Rand en haar volgelingen zijn een buitenbeentje binnen de beweging omdat ze een ander filosofisch uitgangspunt hanteren: het objectivisme. Het zou ons te ver leiden om dit uitgebreid te beschrijven, maar het blijft een feit dat Achterhuis geen brede analyse maakt van wat hij het 'neoliberalisme' noemt. In plaats daarvan selecteert hij losstaande feiten, teneinde ze aaneen te rijgen tot een halve complottheorie. Als kers op de taart haalt hij Alan Greenspan, voormalig gouverneur van de Amerikaanse centrale bank, aan als voorbeeld van een 'neoliberaal' beleid. En dat terwijl de lage rentepolitiek van Greenspan door delibertarians veelvuldig op de korrel werd genomen. De wereld op zijn kop.
Achterhuis vergist zich overigens nog op een aantal vlakken. Zo beweert hij dat de Scandinavische landen met hun hoog overheidsbeslag op de economie “tot de meest concurrerende economieën ter wereld behoren”. Deze analyse behoort al geruime tijd tot het verleden. De concurrentiepositie van het Noordse model verliest aan terrein, waardoor de overheden maatregelen hebben moeten nemen om de publieke sector efficiënter te maken, sommige publieke diensten te privatiseren en hun arbeidsmarkt te dereguleren. Het zijn die maatregelen die verklaren waarom de Scandinavische landen vandaag nog steeds een goede positie genieten in de internationale rankings. Een ander voorbeeld is de analyse die Achterhuis maakt betreffende de landbouwsector. De voedselconglomeraties, die de markt domineren, zouden het gevolg zijn van de 'neoliberale' politiek. Zoals u zelf aanhaalt, worden deze conglomeraten ondersteund door lobbygroepen bij de overheid. En dat, samen met de subsidiemachine van het Europees landbouwbeleid, geeft hen een machtige positie om de markt te monopoliseren. Maar deze kritiek wordt al jaren geuit door de klassiek-liberale beweging, die terecht aanhaalt dat dit overheidsprivileges zijn die niets te maken hebben met vrije marktwerking. Opnieuw is het intellectueel oneerlijk om dat fenomeen uit te roepen tot een 'neoliberale' verwezenlijking. Een laatste, foute bewering is het aloude credo dat de economische groei is afgenomen en de ongelijkheid toegenomen ten gevolge van de globalisering. Opnieuw, zonder enig bewijs. Want wie naar de realiteit kijkt, weet dat de huidige wereldeconomie geen volledige vrije markt is, maar een complex kluwen van nationale en internationale regels en instellingen. Maar het lijkt wel een constante te zijn dat elke nationale economie die zichzelf openstelt voor vrije handel er voordeel bij doet. Landen als China, India en Brazilië hebben jaren geleden hun markten geliberaliseerd. Buitenlandse investeerders, technologie en producten vonden hun weg naar de nieuwe markten en daardoor zijn miljoenen mensen uit de armoede getild. Het is dus mogelijk dat door deze evolutie de ongelijkheid in deze landen is toegenomen. Maar was het dan beter geweest dat de ganse bevolking arm was gebleven, omwille van de heilige 'gelijkheid'? Achterhuis zou een overtuigende zaak kunnen bepleiten als hij de feiten zou nagaan en een correcte weergave van het klassiek-liberalisme zou hanteren. Spijtig genoeg beperkt hij er zich toe holle, antiglobalistische slogans te herhalen.
Om tot de kern van ons antwoord te komen: wat ons het meeste verontrust is uw uitspraak dat 'neoliberalen' immorele mensen zouden zijn omdat ze 'absolute vrijheid' nastreven. Maar geen enkele liberaal kan beweren dat vrijheid absoluut is. Eenieders vrijheid is altijd beperkt door de vrijheid van anderen. Daar bevindt zich de keerzijde van de medaille: verantwoordelijkheid. Zelfs degenen die u omschrijft als 'neoliberaal' zullen dit erkennen. U heeft het verder over de kardinale deugden: wijsheid, moed, zelfbeheersing en rechtvaardigheid, en zegt: “Het zijn deugden die de neoliberalen niet kennen, en is dan ook dé reden waarom liberalen het neoliberalisme en het libertarisme met evenveel kracht moeten bestrijden als andere utopieën van links of van rechts.” Wij begrijpen niet waar u de verantwoording haalt voor deze karaktermoord op iedereen die zichzelf klassiek-liberaal noemt. We beperken ons dan ook liever tot de rationele argumenten die in deze brief staan. En we hebben daarbij niet de minste neiging om liberalen met een andere mening af te schilderen voor iets dat ze niet zijn: immorele individuen. En al helemaal willen we geen interne conflicten binnen de liberale beweging die vandaag voor veel grotere uitdagingen staat.
Onze ervaring leert ons het volgende: interne discussie zou een bron moeten zijn van verrijking, niet van uitsluiting. Het LVSV omarmt de verscheidenheid aan meningen die bestaat tussen haar leden. Binnen onze vereniging hebben we aanhangers van het links-liberalisme, het klassiek-liberalisme en zelfs het anarcho-kapitalisme. De ideologische verschillen zijn soms groot, maar dat is net onze sterkte. Door intern debat leren we van elkaars ideeën en verkrijgen we het inzicht dat de filosofische grondslagen van het liberalisme kunnen leiden tot uiteenlopende politieke, sociale en economische conclusies. U lijkt die verscheidenheid niet te aanvaarden. U probeert zelfs de school van het klassiek-liberalisme te criminaliseren en uit te stoten, in plaats van de discussie aan te gaan. Klassiek-liberalen geloven inderdaad in een gelimiteerde overheid en een grote sociale én economische vrijheid. Als u er een andere mening wilt op nahouden, dan is u dat van harte gegund, het is de kern van onze ideologie. En we hebben er geen enkel probleem mee dat u zich progressief-liberaal, sociaal-liberaal of desnoods links-liberaal wenst te noemen. Maar wat geeft u het recht om iemand de titel 'liberaal' te ontzeggen?
Met liberale groeten,
Franc Bogovic
Voorzitter LVSV Nationaal
Bavo De Mol
Voorzitter LVSV Antwerpen
Laurent Maes
Voorzitter LVSV Brussel
Gilbert Nijs
Voorzitter LVSV Hasselt
Nick Roskams
Voorzitter LVSV Leuven
Het LVSV is een onafhankelijke studentenvereniging die al sinds 1937 de liberale studenten aan de Vlaamse universiteitssteden verenigt en voor een consequente liberale koers pleit binnen het politieke landschap.